Aanzienlijke veranderingen WW premie niet-vaste contracten per 2020 - WAB

18-07-2019

Bankbiljetten

De WW premie, die werkgevers over het loon van hun werknemers betalen aan de Belastingdienst middels de loonaangifte, verandert aanzienlijk onder de nieuwe regelgeving WAB (Wet Arbeidsmarkt in Balans) per 2020. Voor niet-vaste contracten wordt deze premie aanzienlijk verhoogd – dus vooral als u veel met niet-vaste contracten werkt, dan is deze informatie van belang voor u.


Oude regels t/m 2019
Onder de oude regels t/m 2019 zijn de WW-premiepercentages vastgesteld per sector waarin de werkgever werkzaam is. Er zijn in totaal 67 verschillende sectoren met verschillende premiepercentages . Binnen enkele van deze sectoren geldt er nog een differentiatie in premiepercentage, gebaseerd op het contract met de werknemer (bijvoorbeeld of dit een ‘los’ of ‘vast’ contract is, of dat er een ‘uitzendbeding’ van toepassing is). Deze premies liggen tussen de 0 % en 3,95% in het jaar 2019 en worden berekend over het (heffingsplichtige) loon van de werknemers.

 

Nieuw onderscheid in premiepercentage vanaf 2020
Onder de nieuwe regels wordt er geen onderscheid meer gemaakt per sector. Iedere sector gaat hetzelfde premiepercentage betalen. Er wordt wel een onderscheid gemaakt in het premiepercentage tussen vaste contracten (laag premiepercentage) en niet-vaste contracten (hoger premiepercentage).

Om als vast contract te worden aangemerkt, worden de volgende eisen gesteld:

  • De arbeidsovereenkomst is schriftelijk overeengekomen
  • Deze is voor onbepaalde tijd
  • De contracturen per periode zijn vastgelegd in de arbeidsovereenkomst

 

Tijdelijke contracten, oproepovereenkomsten en min/max contracten gelden niet als vast contract.
Uitzondering: voor BBL-leerlingen, alsmede jongeren t/m 20 jaar die maximaal gemiddeld 12 uur per week werken, mag de lagere premie worden toegepast.


Hoogte premiepercentage
De nieuwe premiepercentages per 2020 voor vaste contracten zijn nog niet bekend. De verwachting is dat deze gemiddeld iets lager zullen uitvallen dan in voorgaande jaren.
De premiepercentages voor de niet-vaste contracten zullen 5 procentpunten hoger uitvallen dan de premiepercentages voor vaste contracten-  dit zal dus in alle gevallen hoger zijn dan de premie die voorheen gold.


Financieel aantrekkelijker om vaste contracten aan te bieden
Het verschil van 5 procentpunten tussen vaste en niet-vaste contracten scheelt aanzienlijk in de directe loonkosten en zal dan ook voor bepaalde werkgevers sneller aanleiding geven om een vast contract aan te bieden. Op bijvoorbeeld een salaris van € 2.000 bruto per maand, scheelt dit immers 5 % = € 100 in de loonkosten.

Uiteraard zal het aanbieden van een vast contract niet louter gebaseerd worden op de directe maandelijkse loonkosten, maar kan dit wel worden meegenomen in de overweging om een vast of tijdelijk contract aan te bieden.