Jeugd LIV 2019 (update juni 2019)

28-06-2019

Belastingdienst

Bron: Handboek loonheffingen 2019, Belastingdienst

Dit artikel betreft alleen het 'Jeugd'-LIV en niet het reguliere/volwassen LIV.

 

26.3 Jeugd-LIV

Het jeugd-LIV compenseert de stapsgewijze verhoging van het wettelijk minimumjeugdloon per 1 juli 2017 en 1 juli 2019 voor werknemers van 18, 19, 20 en 21 jaar.

In deze paragraaf leest u:

  • welke voorwaarden voor het jeugd-LIV gelden (zie paragraaf 26.3.1)

  • hoe hoog het jeugd-LIV is (zie paragraaf 26.3.2)

  • wat u moet doen om het jeugd-LIV te krijgen (zie paragraaf 26.3.3)

  • wanneer u het jeugd-LIV uitbetaald krijgt (zie paragraaf 26.3.4)

Samenloop met loonkostenvoordelen

Hebt u voor dezelfde werknemer tegelijk recht op het jeugd-LIV en een loonkostenvoordeel (zie paragraaf 26.1)? Dan betalen wij u beide uit.

Naar boven

26.3.1 Voorwaarden voor het jeugd-LIV

U hebt recht op het jeugd-LIV voor elke werknemer die voldoet aan deze 3 voorwaarden:

  • De werknemer is verzekerd voor 1 of meer van de werknemersverzekeringen.

  • De werknemer heeft een gemiddeld uurloon dat valt binnen de bandbreedtes van het jeugd-LIV die horen bij zijn leeftijd. Die bandbreedtes worden halverwege 2019 vastgesteld.
    Update juni 2019: de bandbreedtes zijn bekend:
    heeft een gemiddeld uurloon dat hoort bij het wettelijke minimumjeugdloon voor zijn leeftijd en dat voor 2019 valt binnen de volgende onder- en bovengrens:

    Leeftijd op 31 december 2018 Gemiddeld uurloon in 2019 is minimaal Gemiddeld uurloon in 2019 is lager dan
    21 jaar € 9,36 € 10,05
    20 jaar € 7,59 € 10,05
    19 jaar € 5,82 € 8,45
    18 jaar € 4,93 € 6,48
  • De werknemer is op 31 december 2018 18, 19, 20 of 21 jaar.

Heeft de werknemer 2 of meer inkomstenverhoudingen (zie paragraaf 3.4) bij u? Bijvoorbeeld omdat hij onder verschillende subnummers valt? Kijk dan naar het gemiddelde uurloon van deze inkomstenverhoudingen samen om te bepalen of u voor deze werknemer recht hebt op het jeugd-LIV. Want UWV bepaalt op werkgeversniveau of u voor een werknemer recht hebt op het jeugd-LIV en niet op subnummerniveau.

Hierna gaan we verder in op de 2e voorwaarde.

Gemiddeld uurloon

Het gemiddelde uurloon is het jaarloon gedeeld door het aantal verloonde uren. Het jaarloon is het loon uit tegenwoordige dienstbetrekking dat u in een kalenderjaar betaalt aan een werknemer die nog bij u in dienst is en die verzekerd is voor 1 of meer van de werknemersverzekeringen. Dat betekent dat geen onderdeel van het jaarloon zijn:

  • ziektewetuitkeringen die u als eigenrisicodrager na afloop van de dienstbetrekking betaalt aan een ex-werknemer

  • WGA-uitkeringen die u als eigenrisicodrager aan de werknemer betaalt

  • WAO-, WIA- en WW-uitkeringen die u de werknemer namens UWV betaalt (zie paragraaf 7.6.2)

Als uitgangspunt voor het jaarloon neemt u kolom 8 van de loonstaat.

Verdient een werknemer meer dan het gemiddelde uurloon dat hoort bij zijn leeftijd? Dan hebt u voor hem geen recht op het jeugd-LIV, maar misschien wel op het LIV. De werknemer moet dan wel voldoen aan de voorwaarden voor het LIV (zie paragraaf 26.2.1 van het Handboek 2019).

 

26.3.2 Hoogte van het jeugd-LIV

Hebt u voor een werknemer recht op het jeugd-LIV? Dan krijgt u van ons een bedrag per verloond uur. Het bedrag per uur verschilt per leeftijd. Wat verloonde uren zijn, leest u in paragraaf 26.4.

Hoeveel uw voordeel precies is, hangt dus af van het aantal verloonde uren van de werknemer. En van zijn leeftijd. U krijgt:

Leeftijd op 31 december 2018

Jeugd-LIV per werknemer per verloond uur in 2019

Maximale jeugd-LIV per werknemer in 2019

18

€ 0,13

€ 270,40

19

€ 0,16

€ 332,80

20

€ 0,59

€ 1.227,20

21

€ 0,91

€ 1.892,80

De leeftijd op 31 december 2018 bepaalt het bedrag per verloond uur in 2019. Voor een werknemer die op 31 december 2018 19 jaar wordt, krijgt u € 0,16 per verloond uur. Maar voor een werknemer die op 1 januari 2019 19 jaar wordt, krijgt u € 0,13 per verloond uur.

 

26.3.3 Wat moet u doen om het jeugd-LIV te krijgen?

U hoeft het jeugd-LIV niet aan te vragen. UWV beoordeelt op basis van de polisadministratie voor welke werknemers u recht hebt op het jeugd-LIV. Vul in uw aangifte dus ook het aantal verloonde uren (zie paragraaf 26.4) goed in.

Kloppen de gegevens in uw aangifte niet? Dan loopt u het jeugd-LIV misschien helemaal of voor een deel mis.

 

26.3.4 Wanneer krijgt u het jeugd-LIV uitbetaald?

Wij betalen het jeugd-LIV over 2019 in 2020 automatisch aan u uit. Als uit uw aangiften loonheffingen over 2019 blijkt dat u er recht op hebt. Eerder kan niet, omdat we pas in 2020 weten hoeveel verloonde uren een werknemer in 2019 had en wat zijn gemiddelde uurloon was.

Dat uitbetalen gaat als volgt:

  1. U krijgt vóór 15 maart 2020 een voorlopige berekening van uw jeugd-LIV. Die berekening is gebaseerd op de aangiften en correcties over 2019 die u tot en met 31 januari 2020 hebt gedaan.

  2. Bent u het niet eens met de berekening of vindt u dat u ten onrechte geen voorlopige berekening hebt gekregen? Dat kan komen doordat u onjuiste gegevens hebt aangegeven. In dat geval kunt u tot en met 1 mei 2020 correcties over 2019 sturen. Die nemen we nog mee in de definitieve berekening van uw jeugd-LIV. Correcties na 1 mei nemen we niet meer mee in de definitieve berekening, maar wel in de polisadministratie. Kloppen uw aangiften wel, neem dan contact op met UWV.

  3. Wij sturen u de definitieve berekening van uw jeugd-LIV. Dat doen wij vóór 1 augustus 2020, op basis van de gegevens die we van UWV krijgen.

  4. Wij betalen u uiterlijk op 12 september 2020 uw jeugd-LIV uit.

U krijgt 1 voorlopige en 1 definitieve berekening. Daarbij hoort een overzicht van het jeugd-LIV en de werknemers voor wie u daar recht hebt op. Hebt u ook recht op 1 of meer loonkostenvoordelen of op het LIV? Dan staat dat ook in het overzicht. Per werknemer ziet u ook of hij meer dan 1 inkomstenverhouding bij u heeft en of hij onder verschillende subnummers valt.

Wij maken het bedrag dus aan ú over, niet aan de werknemer. We gebruiken daarvoor het rekeningnummer dat hoort bij subnummer L01 van uw loonheffingennummer. Hebben wij bij dat subnummer geen rekeningnummer van u? Dan krijgt u van ons een formulier waarmee u dit rekeningnummer aan ons kunt doorgeven. Moet u nog bedragen aan ons betalen? Dan kunnen wij uw jeugd-LIV daarmee verrekenen.


26.4 Verloonde uren

Voor de LKV, LIV- en jeugd-LIV is het belangrijk dat u in de aangifte het juiste aantal verloonde uren invult.

Verloonde uren zijn uren waarover u loon betaalt. Hieronder vallen:

  • de contracturen, dat wil zeggen de uren die u met de werknemer bent overeengekomen
    Daaronder vallen ook niet-gewerkte, maar wel volledig uitbetaalde uren. Bijvoorbeeld verlof of ziekte.

  • de uitbetaalde extra uren die een werknemer werkt, zoals uitbetaalde overuren
    Daaronder vallen ook niet-opgenomen, maar wel volledig uitbetaalde verlofuren.

Welke uren zijn geen verloonde uren?

  • niet-gewerkte onbetaalde uren
    Bijvoorbeeld onbetaald verlof.

  • wel gewerkte, maar onbetaalde uren
    Bijvoorbeeld adv-uren (arbeidsduurverkorting) of onbetaalde overwerkuren.

Voorbeeld

U hebt een aangiftetijdvak van 4 weken. En een werknemer die 40 uur per week werkt: 38 contracturen en 2 adv-uren.

Aangiftetijdvak

Gewerkte uren

Verloonde uren

Periode 1

160 (152 contracturen + 8 adv-uren)

152

Periode 2

177 (152 contracturen + 8 adv-uren + 12 uren uitbetaald overwerk + 5 uren onbetaald overwerk

164

Periode 3

0 (hele tijdvak betaald verlof)

152

Periode 4

120 (152 contracturen + 8 adv-uren - 40 uren ziek)

152

Periode 5

0 (hele tijdvak onbetaald verlof)

0

Meer informatie over verloonde uren vindt u in het memo over verloonde uren, dat u kunt downloaden van belastingdienst.nl.